Werkvorm: Discussie
Didactiek.
Wat is de discussievorm?
Onder (groeps)discussie verstaan we een gespreksvorm waarin de cursisten een specifiek onderwerp bespreken. Alle cursisten en de opleider kunnen met elkaar in interactie zijn. Het doel van een groepsdiscussie kan zijn informatie uitwisselen, meningen toetsen, probleem oplossen, gezamenlijk besluiten nemen en afspraken maken. De rol van de opleider kan variëren van leider tot begeleider.
Als leider bepaalt hij het onderwerp van discussie, het verloop van de discussie en wat voor soort resultaat de discussie moet opleveren. Als begeleider houdt de opleider zich op de achtergrond. De discussie kan het beste voorbereid worden door het vaststellen van een aantal vragen waarop in de discussie een antwoord moet worden gegeven. Een voorzitter is voor een goed verloop noodzakelijk.
Voor- en nadelen van de discussievorm
Voordelen
- geschikt voor het bewust worden van eigen waarden en normen en voor het bijstellen van motivatie, emoties en houding
- cursisten worden gemotiveerd mee te doen omdat ze ontdekken dat hun mening wordt gewaardeerd en er naar hen wordt geluisterd
- cursisten leren hun denken en spreken te nuanceren
- cursisten zijn actief bezig
- men leert ook luisteren, duidelijk formuleren en de mening van anderen te respecteren
Nadelen
- de werkvorm kan bij grote groepen moeilijk worden toegepast
- de cursisten moeten geoefend zijn in het goed luisteren en het laten uitspreken van de ander, om een positief leereffect te krijgen
- een slechte sfeer in de groep heeft een negatieve invloed op het verloop en het resultaat van de discussie
- opleiders brengen (te) vaak hun eigen mening naar voren
- er wordt snel van het onderwerp afgedwaald
- er wordt snel langs elkaar heen gepraat
Hoe de discussievorm te gebruiken?
Om op een actieve wijze deel te nemen aan een discussie moeten de cursisten voldoende achtergrondkennis hebben om aan de discussie te kunnen deelnemen.
De discussie dient volgens een bepaalde procedure te verlopen, te weten:
- 1. het stellen van het probleem
- 2. het inventariseren van meningen
- 3. discussie over elkaars meningen
- 4. eventuele conclusies/samenvatting
Het stellen van het probleem
- noem het doel van de discussie. Is het een meningsvormende, een besluitvormende of probleemoplossende discussie
- geef aan welke procedure er gevolgd gaat worden, zodat iedereen weet hoe de discussie zal verlopen
- beschrijf het onderwerp of de stelling die ter discussie staat heel kort, geef hierbij ook aan waarom erover dit onderwerp met deze groep gediscussieerd zal worden
- stel het thema aan de orde via een duidelijke en eenduidig geformuleerde, korte startvraag (zie hiervoor ook het artikel: ‘Sporen uitzetten’)
- pauzeer na de startvraag enige seconden, of laat de cursisten kort hun mening opschrijven
Het inventariseren van meningen
- inventariseer eerst alle meningen
- nodig tot spreken uit door zelf de spreker aan te kijken, goed te luisteren en te knikken
- stuur de discussie zoveel mogelijk non-verbaal bijvoorbeeld via een hoofdknik naar de volgende spreker of een handgebaar
- gebruik korte verbale aanwijzingen
- bundel de verschillende meningen, geef een korte samenvatting en formuleer omtrent de meest relevante of meest genoemde mening een nieuwe/vervolgstartvraag
Discussieer over elkaars meningen
- ga naar de cursist met de meest opvallende mening, waar de deelnemers zo-even al op wilden reageren. Herhaal zijn mening en vraag om een toelichting
- geef de eerstvolgende die wil reageren het woord
- laat de discussie verder haar gang gaan, grijp alleen in bij:
- elkaar in de rede vallen
- deelnemers die niet aan het woord komen
- afdwalen van het thema: vat dan het relevante deel samen en stuur met de eerdere/oorspronkelijk startvraag terug naar het thema van de discussie
- vastgelopen discussie, vat de hoofdpunten samen en laat de samenvatting aanvullen door de deelnemers
- activeer de discussie door regelmatig een nieuwe/vervolgstartvraag over een nieuwe mening te formuleren
- neem zelf (als voorzitter/gespreksleider) niet inhoudelijk deel aan de discussie
Eventuele conclusies, samenvatting
Sluit af met een totaalsamenvatting, die kan zijn opgebouwd uit eerder gemaakte samenvattingen omtrent deelmeningen/startvragen. Deelnemers dienen met de gepresenteerde samenvatting akkoord te kunnen gaan. Forceer geen akkoord omtrent de samenvattingen. Probeer het eens opnieuw of laat een van de deelnemers een poging wagen.
Bedank ieder voor zijn bijdrage
« Werkvorm: Opdrachten — Competentiegericht opleiden »
